GUUS KIEFT COLLEGE

creatief en vernieuwend voortgezet onderwijs

Veranderingen in de maatschappij vragen om veranderingen in het onderwijs.

Het Guus Kieft College speelt in op hedendaagse ontwikkelingen en start dit jaar met verfrissend en vernieuwend voortgezet onderwijs, gebaseerd op sociocratische principes.

Het bijzondere aan dit onderwijs is dat de studenten medebepalend zijn in het besluitvormingsproces dat structuur en vorm geeft aan de leerstof. Met andere woorden; het gaat ons er niet alleen om dat de studenten leren, maar meer nog dat ze leren zelf te bepalen en te “plannen” op welke manier zij zich de stof eigen gaan maken.

Hoe gaat dat in zijn werk?

Vanuit de Guus Kieft School-pedagogiek wordt de leerling als hoofdeigenaar van zijn ontwikkeling beschouwd.

Er zijn leerlingen die doelbewust (mede vanuit overleg met hun ouders en mentor) toewerken naar het behalen van één van de VO diploma’s. Deze leerlingen zullen regelmatig hun vaardigheden en kennis willen toetsen. Daarnaast zijn er leerlingen die in overleg met hun ouders en mentor besluiten om de eerste twee á drie jaren van hun VO-tijd te gebruiken om hun mogelijkheden en het inzicht in het daarbij passende diploma te laten rijpen. Als een leerling gemotiveerd is en/of heeft afgesproken om één of meerdere toetsen te doen, dan wordt dit verzorgd door de school.

Individueel onderwijs en passend onderwijs

Leren is een fundamentele bezigheid van mensen. Mensen leren voortdurend op de een of andere manier en hebben van nature een behoefte om te leren. Ze ervaren een innerlijk kompas dat hen aangeeft waar hun leerbehoefte naar uitgaat. Wij zien de zelfverwezenlijking en het contact hebben met dit innerlijke kompas als onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Een individuele begeleider helpt met het onderzoeken en plannen van leerstof

De GKS-pedagogiek heeft als uitgangspunt dat de mens van nature een nieuwsgierig en lerend wezen is. Deze wil tot leren willen wij intact houden, door de voorwaarden tot leren te verzorgen.

Ieder mens heeft een eigen gezond ontwikkelingstempo en tot op zekere hoogte ook een eigen volgorde waarin vaardigheden ontwikkeld worden.

In deze complexe tijd, met een niet te bevatten hoeveelheid aan informatie die ook snel groeit, is het niet meer eenduidig aan te geven wat een ‘algemene basiskennis’ is.

De vraagstelling is niet:

"Vinden wij het zinvol om leerlingen in de gelegenheid te stellen om de feitenkennis die in de kerndoelen beschreven staat te bereiken?'',

maar:

"Wat is in onze ogen een verantwoorde en respectvolle manier om deze jonge mensen zo te begeleiden dat ze de vaardigheid ontwikkelen om steeds flexibel te blijven en in te kunnen spelen op een snel veranderende maatschappij en zich ontplooien tot sociale en redzame wereldburgers?''

Een team van leraren is op afroep beschikbaar

De nadruk op de individuele ontwikkeling zal in de praktijk betekenen dat leerlingen zeer zelfstandig werken en in kleine groepjes lessen volgen. In de school is steeds lesstof op het gebied van Nederlandse taal, Engels, Frans, Duits, Spaans, wiskunde, natuurkunde, scheikunde, biologie, maatschappijleer, staatsinrichting, economie, en verzorging aanwezig in de vorm van methodelesboeken (ook digitaal), naslagwerken en internet. We gaan er vanuit, dat als er geen obstakels zijn, een leerling zich in zijn eigen tempo in de diverse ontwikkelingsgebieden volwaardig zal ontplooien. Leraren met een eerste- of tweede graads bevoegdheid zijn oproepbaar en zullen lessen of individuele begeleiding aanbieden op het moment dat de student dit verzoekt. Gastdocenten worden uitgenodigd om in overleg lessen aan te bieden en projecten te begeleiden.

Leren is meer dan cognitieve ontwikkeling alleen

De ontwikkelingsgebieden op het Guus Kieft College omvatten:

Wij willen samen met de leerlingen aandacht voor de volgende ontwikkelingsgebieden verzorgen:

  1. Het sportief en/of atletisch bewegen en het (psycho)motorische;
  2. Het ambachtelijke, handvaardige en technische;
  3. Het expressieve en esthetische;
  4. Het emotionele, sociale en morele;
  5. Het cognitieve;
  6. Het metacognitieve;
  7. Het spirituele;
  8. Het (multi)culturele.

Ad 1. Het sportief en/of atletisch bewegen en het (psycho)motorische

De Guus Kieft School kent geen klaslokalen maar verschillende binnen en buitenruimtes.

Door de grote bewegingsvrijheid zal een leerling op de GKS meer bewegen dan een leerling op een school waar de leerling overwegend op zijn plaats zit. Doordat een leerling op de GKS op vele momenten zijn/haar eigen bewegingsimpulsen kan volgen, zal het een gezonde motorische ontwikkeling kunnen doormaken. Afhankelijke van de behoefte van de studenten wordt er gekeken naar de mogelijkheid een gymzaal in de buurt te huren om sport, spel en atletiek te beoefenen, en/of de mogelijkheid om systematisch en -consequent- iets als t’ai chi-beoefening, aikido, dynamische eurythmie, zintuigspellen uit de intuïtieve pedagogie, volksdansen, Afrikaanse dans, meditatie en/of massage op te nemen in het aanbod.

Dit zijn allemaal vormen van lichaamstraining/bewustzijnbevordering die goed aansluiten bij de algemene ontwikkeling die wij voorstaan.

Ad 2. Het ambachtelijke, handvaardige en technische

Deze activiteiten verbinden de leerling op een handelende en ervaringsgerichte wijze met gebruiksvoorwerpen en technieken die we in de samenleving en in beroepen tegenkomen. Daarnaast verzorgt de GKS VO de mogelijkheid van beroepsoriëntatie door vakmensen te bezoeken, of op de schoollocatie uit te nodigen om de praktijk van hun beroep te tonen en te laten ervaren. Deze situaties worden in hoeveelheid en qua vakgebied afgestemd op de behoefte van de leerling.

Ad 3. Het esthetische en expressieve

Zodra mensen zich op een expressieve en esthetische manier uiteenzetten met de wereld, zijn ze bezig met het verrijken, verdiepen en gewaarworden van gevoelsbewegingen.

Daarom vinden wij het van groot belang dat de leerlingen in de gelegenheid worden gesteld zich op alle expressieve gebieden te uiten en dat de leerlingen ook bij cognitief gerichte activiteiten de stof expressief en esthetisch kunnen benaderen en verwerken.

Daarnaast kan een leerling er voor kiezen om zich voor te bereiden op een esthetisch/expressief beroep of zich voorbereiden op een vervolgopleiding die tot dat beroep opleidt.

Er kan gewerkt worden met theater, beeldende expressie, dans, muziek, cabaret, etc. Deze activiteiten lenen zich tot het geven van voorstellingen en exposities. Daarnaast kan ook gedacht worden aan het maken van films en het maken van websites.

Ad 2.3.4. Het emotionele, sociale en morele

Aan de basis van deze ontwikkeling staat hoe wij met elkaar omgaan in de GKS.

De ontwikkeling van gevoel voor fairheid, zorg, betrokkenheid en verantwoordelijkheid zien wij als de ontwikkeling van het vermogen om dynamisch te balanceren tussen ‘bij jezelf blijven’, egocentrisch zijn en daarnaast je inleven in de gevoelens en de behoeftes van de ander(en) en dan ook nog eens de bereidwilligheid om naar ‘win-win’-oplossingen te zoeken. Essentieel bij deze ontwikkeling is het samen praten, zelf doen en er samen over reflecteren.

De leerlingen worden in de gelegenheid gesteld om zich te scholen als conflictbemiddelaar.

Ad 5. Het cognitieve

Vakoverstijgende projecten

Een belangrijk voordeel van het werken met vakoverstijgende projecten is dat de groep begeleiders/docenten relatief klein kan zijn. Dat is in de eerste jaren van het VO prettig voor de leerling. De nog jonge leerling kan daardoor vanuit de band met de begeleiders/docent de overgang maken naar steeds grotere zelfstandigheid. Zo kan de leerling, wiens intelligentie en verdere mogelijkheden dat toelaten, een rustige overgang maken naar meer en meer vaklessen met verschillende vakdocenten.

Gedurende de loop van een project kunnen naast de begeleider, die leiding geeft aan het project, gastdocenten als vakdocenten uitgenodigd worden om een bepaald onderdeel van het project te verdiepen.

De laatste twee weken van een projectperiode kunnen zo ingericht worden, dat iedere leerling individueel een eigen onderdeel naar eigen keuze en interesse uitdiept.

Een ander voordeel van werken met vakkenintegratie is dat de leerlingen de samenhang en de relaties tussen de vakken kunnen zien. Ook het “leren leren” van de leerling kan in deze situatie goed begeleid worden.

De leerlingen kunnen zich zo, door begeleiders en docenten gecoacht, goed voorbereiden op de vervolgopleidingen en hun competenties ontwikkelen voor een volwaardige plek in onze samenleving.

Ad 6. Het metacognitieve en reflectieve

Deze twee worden in één adem genoemd, omdat reflecteren eigenlijk een voorwaarde voor het ontwikkelen van metacognitie is (al is reflectie, zoals al aangeduid is, ook van belang bij andere ontplooiingsprocessen). De ontwikkelende mens (d.w.z. ieder mens) heeft van nature een reflecterende aard en leert door experimenteren en dus ook door fouten te maken. Bij metacognitie gaat het om het ontwikkelen van bewuste kennis over hoe jij het aanpakt om iets te leren of te bereiken, met andere woorden:

  • wat je handelingsstrategieën daarbij zijn;
  • in hoeverre die strategieën effectief zijn;
  • wat voor obstakels je bij die processen tegenkomt;
  • hoe je met die obstakels omgaat;
  • in hoeverre die manieren effectief zijn;
  • hoe je dat aan wilt pakken;
  • welke hulpmiddelen je (in het algemeen) tot je beschikking hebt;
  • hoe je die hulpmiddelen in concrete situaties mobiliseert;
  • in hoeverre die manieren effectief zijn;
  • of je aan een of meer manieren iets wilt veranderen.

Die kennis kun je opbouwen door, in kleine of grotere groepen, te reflecteren op wat je doet, je af te vragen wat er goed ging, wat er stroef ging, wat je is opgevallen, wat je nu anders zou willen doen, en dat in de stijl van een ‘open onderzoek’ te doen

Ad 7. De mogelijkheden voor de spirituele ontwikkeling

In tegenstelling tot de ontwikkelingsprocessen genoemd onder 2.3.1. tot 2.3.6. zijn hier ‘mogelijkheden’ tot ontwikkeling geformuleerd. Dat is heel bewust gedaan, omdat de expliciete mogelijkheden tot spirituele ontplooiing van kind tot kind zowel qua leeftijdsfase, als qua samengaan met andere ontplooiingsprocessen en qua relatie met zijn thuisomgeving heel sterk verschillen. Wel is het aannemelijk dat er veel faciliterende mogelijkheden zijn voor spirituele ontplooiingsprocessen.

Omdat er grote overeenkomsten zijn in de contemplatieve tradities van de diverse religies (of we het nu hebben over bv. de christelijke mystieke traditie, de Joodse kabbala, de moslim soefi-traditie, de boeddhistische zen-traditie of het Chinese taoïsme), is het mogelijk om activiteiten in te richten die recht doen aan de intentie van elk van deze religies, zonder dat er specifiek voor één religie gekozen wordt. Hier zijn ook elders geslaagde praktijkervaringen mee opgedaan.

Doelend op dit soort, deels voorwaardenscheppende mogelijkheden, valt te denken aan:

  • concentratieoefeningen;
  • onze verwondering over vele fenomenen kenbaar maken;
  • vormen van meditatie;
  • t’ai chi, aikido of yoga oefeningen (maar dan wel in een niet-mechanistisch en niet-competitief kader, maar in een horizontale coöperatieve en verticale dynamiek). Ook kan gedacht worden aan eurythmie dat o.a. met dit oogmerk ontwikkeld is;
  • gelegenheid bieden om over spirituele ervaringen te vertellen;
  • actief respect en belangstelling tonen voor elkaars onderlinge verschillen en achtergrond;
  • met de leerlingen samen bedachte en ingerichte feesten vieren, waarbij andere gebeurtenissen aanleiding geven tot bezinning en viering, zoals bijvoorbeeld de stemming in de natuur of een (historische) gebeurtenis.

Ad 8. Het (multi)culturele

Dit ontwikkelingsgebied sluit in de praktijk aan bij veel aspecten van de spirituele ontwikkeling.

Leerlingen brengen ervaringen en gewoontes in vanuit hun verschillende culturele achtergronden. Hun gezonde nieuwsgierigheid naar gebruiken uit andere culturen wordt beantwoord door het gezamenlijke vieren van traditionele feesten uit verschillende culturen en door uitwisseling met scholen met een specifieke culturele achtergrond. Ook worden er gasten uitgenodigd om zulke culturele gebruiken te delen met de GKS.

De aannameprocedure

U kunt bellen naar Eliane Gomperts tel: 0624876226 van het Guus Kieft College voor verdere informatie of het maken van een afspraak voor een kennismakingsgesprek.

"Ontwikkeling is dus niet zozeer gemeten vordering als wel de kracht, de wil en de moed om verder te gaan, het werken zèlf aan je ontwikkeling. Ontwikkeling is in deze zin eerder een kwaliteit van leven dan een resultaat.''

(L. Stevens)

© Alle rechten voorbehouden, Guus Kieft School, Amsterdam